journaloes.punt.nl
MET KIESMAN EN MACHT.
EEN KIESMAN EEN KIESMAN, EEN WOORD EEN WOORD.
EEN KIESMAN UIT DUIZENDEN.
DE DERDE KIESMAN.
KIESMANNETJES MAKEN.
VERGAAN MET KIESMAN EN MUIS.
 
Ik kan het niet laten.
Al dat gedoe met kiesmannen.
Dan maar creatief met kiesmannen.
Jottum!
 
Lees meer...   (12 reacties)
Gisteren vroeg iemand in de Hema waar de nachtjurken hingen.
Nachtjurk?
Mooie vertaling van het Engelse 'Nightdress'.
In het Nederlands noemen we deze dingen toch anders;
Nachtjapon, nachthemd, nachtshirt.
Nachtpon, nachtgewaad of pon.
Heel wat benamingen voor zo'n jurk.
Worden ze nog wel gedragen?
Lees meer...   (7 reacties)
op·ge·ruimd (bn.)
1 vrolijk => opgewekt
op·rui·men (ov.ww., ook abs.)
1 uit de weg ruimen
2 (artikelen) uitverkopen
3 in orde brengen, netjes maken => de boel aan kant maken, de stal uitmesten, puinruimen, wegruimen
Hij of zij heeft een opgeruimd karakter.
Dat hoor je bijna niemand meer zeggen.
Heel ouderwets.
Het klinkt ook vreemd.
Zeker met het werkwoord 'opruimen' in je achterhoofd.
Als je een kamer hebt opgeruimd is het er dan vrolijk?
Lees meer...   (2 reacties)
elan (het ~)
1 aandrift waarmee men te werk gaat => enthousiasme
Premier Balkenende wil dat de Europese landen samen op zoek gaan naar verbindende waarden. Daaraan moeten ze nieuw elan ontlenen om de hedendaagse vraagstukken aan te pakken. (Bron: Teletekst)
 
Elan en Balkenende?
Maar natuurlijk.
Lees meer...   (7 reacties)
Zoenen,
Er zijn zoveel woorden voor zoenen.
Van heel netjes tot redelijk plat.
Kussen, tongzoenen, bekken,
Muilen, plat op de bek pakken,
Tongen, kopkluiven, speeksel uitwisselen,
Huig verkennen, kaken, tsjapen,
Naar buiten gaan, happen,
Brommers kiek'n...
Er zijn zoveel woorden voor zoenen.
Waarschijnlijk wel meer.
Ik blijf het gewoon zoenen noemen.
Lees meer...   (19 reacties)
Mijn oma gebruikt wel vaker gekke woorden.
Zoals cellotape, slief of jumper.
Kent u dat plankje boven de wastafel?
Weet u hoe het heet?
Ik niet.
Maar mijn oma wel.
Die noemt het rimmetje.
Lees meer...   (8 reacties)
Bij het zoeken naar pik-pak-pok kwam ik uit op wartaal;
 
-Oefeningen voor een lichte, snelle en pittige uitspraak:
tippetappe tippetappe tip tap top
tippetip tippetip tippetiptiptip
tippetiptiptip tappetdptaptap toppetóptoptop
tippetippetiptip tappetappetdptap toppetoppetóptop tip tap top
pikkepakkep
ókke pikkepakkepókke pikkepakkepókke pik pak pok
kipperde kópperde kap kap
pámperdepímperdpómperdepámp
piederie piederá piederóesasa
tanatánta teneténte tinitínti tonotónto
pamapámpa pemepémpe pimipímpi pomopómpo
tammerámtamtam tommerómtomtom temmerémtemtem tummerúmtumtum
dannerannerándan dennerennerénden donneronneróndon dunnerunnerúndun
bomberóm bomberóm bomberómbombom
 
-Toegestane drie-letterwoorden bij scrabble;
pad-paf-pak-pal-pan-pap-par-pas-pat-pax-pee-peg-pek-pel-pen-pep-per-pet
peu-pij-pik-pil-pin-pip-pis-pit-plu-pod-poe-pof-pok-pol-pom-pon-pop-por-pos
pot-pre-pro-psi-pst-pub-pud-puf-pug-puh-pui-puk-pul-pup-pur-pus-put
 
Leuk spel, dat pik-pak-pok.
Marloes Wardenier
Lees meer...   (6 reacties)
fi·deel (bn.)
1 trouwhartig en opgeruimd van humeur
2 van een vrolijke en aanstekelijke gezelligheid => vrolijk
Stopwoorden.
Ineens komen ze.
En dan kom je er niet vanaf.
Voor een tijdje.
Nu is het fideel.
Alsof ik potdomme Donner ben.
En zo praat.
Lekker overgestapt uit de jaren '50.
Nu maar wachten tot het over is.
Of moet ik daar minder fideel voor worden?
 
Lees meer...   (5 reacties)
Vanavond spelen ze weer.
Zinedine Zidane en David Beckham.
Of zoals we liefkozend zeggen;
Zizou en Becks.
Raar eigenlijk; koosnamen.
Of koosnaampjes.
Een raar woord in uiteraard de verkleinende vorm.
 
Poepie, scheetje, drolletje, keuteltje.
We geven elkaar graag koosnaampjes.
Vaak is het schat, lieverd of aanverwanten.
Ook populair zijn de verwijzingen naar uitwerpselen.
Als je erover nadenkt is het best vies.
Je noemt je geliefde een lekker uitwerpseltje.
Tsja.
De wereld zit raar in elkaar.
Lees meer...   (9 reacties)
bu·ren·ru·zie (de ~ (v.))
1 ruzie tussen buren
Oran·je 2 (het ~)
1 het vorstenhuis in Nederland => Oranjehuis
2 nationale sportploeg van Nederland
bui·ten·spel 2 (bw.)
1 [sport] op een plaats waar men op dat moment niet mag zijn [bij voetbal, hockey: op het moment dat de bal wordt gespeeld zich voor de bal uit op het terrein van de tegenstander bevindend, terwijl er minder dan een bepaald aantal spelers tussen de speler en de vijandelijke doellijn zijn] => offside
chau·vi·nis·me (het ~)
1 blinde ingenomenheid met alles van en in het eigen land => nationalisme  
 
 

sterk·te (de ~ (v.), ~n/~s)
Met Nederland-Duitsland vanavond.

Lees meer...   (2 reacties)
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl